Contact

R.K. Basisschool
Willibrordus


directeur: J. Launspach
G.S. v Ruwiellaan 1
3621 XD Breukelen

tel. 0346-261832
mail ons

Interne zorg

De rol van de Intern Begeleider en
de Remedial Teacher

Onze school beschikt over een intern begeleider en een remedial teacher.
De intern begeleider coördineert binnen de school de zorg voor leerlingen die extra begeleiding nodig hebben. Tevens bewaakt hij/ zij het leerlingvolgsysteem. De remedial teacher werkt individueel of in kleine groepjes met leerlingen die verlengde instructie nodig hebben. De intern begeleider overlegt en stuurt leerkrachten aan over de begeleiding van de leerlingen. Ook overlegt de Intern begeleider met de directie. De remedial teacher overlegt regelmatig met de intern begeleider en directie over de aanpak van de zorg en de zorgleerlingen.

 Leerlingvolgsysteem

Om de individuele vorderingen van de leerlingen te volgen wordt op onze school gewerkt met een leerlingvolgsysteem (LVS). Het onderwijsprogramma kan zodoende beter op de individuele leerling afgestemd worden. In het LVS bevinden zich de resultaten van de leerling.
De gegevens van de leerling worden bijgehouden in het leerlingdossier en in ParnasSys (digitaal leerlingvolgsysteem). De gegevens in dit dossier zijn strikt vertrouwelijk. De ouder heeft het recht om deze in te zien.
In het dossier bevinden zich het aanmeldingsformulier, de verslagen van gesprekken met ouders en andere instanties, de schaduwverslagen, observaties , de resultaten van de (niet-)methode gebonden toetsen (CITO's, en resultaten van de verschillende leergebieden). De sociaal- emotionele ontwikkeling wordt bijgehouden middels het programma Zien in ParnasSys. Wanneer de ontwikkeling stagneert of er is wordt een ontwikkelingsvoorsprong waargenomen, wordt er zoveel mogelijk afgestemd op de onderwijsbehoefte van de leerling.

Passenderwijs

Alle scholen binnen het samenwerkingsverband Passenderwijs kunnen vragen, die de eigen zorgstructuur overstijgen, aan het Loket stellen (wanneer er meer ondersteuning nodig is). Dit gebeurt via 'het groeidocument'. Meer informatie is te vinden op de website www.passenderwijs.nl

Toetsing (CITO en methodegebonden toetsen)

Om de leerstofvordering goed en objectief te kunnen volgen, nemen we methode-onafhankelijke toetsen af. Zo kunnen we vanaf groep 2 vaardigheden en kennis meten en naast het landelijk gemiddelde leggen. We gebruiken de onafhankelijke toetsen ook om eventuele hiaten in ons onderwijs op te sporen. Tevens worden er methode gebonden toetsen afgenomen om te meten of de aangeboden lesstof beheerst wordt.

 

De rapportage aan de ouders

Het bespreken van de vorderingen van de kinderen met de ouders gebeurt twee maal per jaar naar aanleiding van de rapporten. Deze rapporten verschijnen twee maal per schooljaar.
De gesprekken vinden in de avond plaats en duren per leerling 10 of 20 minuten. Naast de oudergesprekken vinden er twee keer per jaar voortgangsgesprekken plaats.
Deze worden geïnitieerd door de leerkracht maar ook ouders kunnen zich hiervoor inschrijven indien zij dit nodig achten.

De 1-zorgroute


Met de 1-zorgroute stemt de school het onderwijs beter af op de onderwijsbehoefte van alle leerlingen. De route stimuleert handelingsgericht en planmatig werken en realiseert zo een transparante zorgstructuur op school.
Uitgangspunten zijn doelgericht werken en systematisch evalueren. Kinderen ontwikkelen zich in wisselwerking met hun omgeving. Onderwijsbehoeften van leerlingen staan centraal. Leerkrachten doen ertoe en maken het verschil. Positieve aspecten van leerlingen, leerkrachten en ouders zijn van groot belang. Betrokkenen werken constructief samen. De werkwijze is systematisch en transparant.

Groepsplannen

Groepsplannen worden drie  keer per jaar opgesteld. In juni maakt de leerkracht het groepsplan voor de periode september-oktober, in ParnasSys, zodat er in het nieuwe leerjaar direct gestart kan worden met het groepsplan. In oktober/november en februari/maart worden de plannen bijgesteld en geëvalueerd en indien nodig nieuwe plannen opgesteld. Alle leerlingen vallen binnen het groepsplan.

Het groepsplan heeft de volgende niveaus: standaard, intensief en verdiept.

Doelen worden SMART geformuleerd en de vooruitgang wordt gemeten in vaardigheidsscores (standaard score in ParnasSys) en functioneringsniveau. Tevens worden hierin de opbrengsten van de methode-gebonden toetsen meegenomen. Voor de standaardgroep worden de doelen algemeen gehouden (deze leerlingen kunnen het niveau van de groep aan en volgen het programma van de klas). Er kan echter wel vermeld worden of er een onderdeel is waar de hele groep extra instructie voor nodig heeft. In de aanpak wordt vermeld welk onderdeel dat is. Er wordt een nieuw doel geformuleerd voor de komende periode en aanpak wordt beschreven. In deze plannen wordt over ‘de leerling’ gesproken.

Voor de verdiepte groep worden de onderwijsbehoefte SMART geformuleerd. Het doel wordt opgesteld. Bij het doel wordt de plan van aanpak beschreven. Ook in dit plan spreken we over ‘de leerling’.

Als de leerling naar een ander niveau wordt geplaatst, wordt dit plan individueel afgesloten. En de leerling wordt toegevoegd aan groepsplan standaard en/ of verdiept. En/ of er wordt een individueel plan opgesteld.

 

Individuele handelingsplannen

Individuele handelingsplannen worden opgesteld voor leerlingen die het functioneringsniveau van de groep niet behalen en /of geen groei  in vaardigheidsscore binnen de range te zien is. Doelen worden SMART geformuleerd en de vooruitgang wordt gemeten in vaardigheidsscores (standaard score in ParnasSys).

Individuele handelingsplannen kunnen altijd opgesteld worden, wanneer er een intensievere aanpak nodig is om het niveau van de groep te blijven behouden.

 

Individuele handelingsplannen worden opgesteld als leerlingen uitvallen bij ZIEN (sociaal-emotioneel). Zie hiervoor ParnasSys.

Ontwikkelingsperspectief

Het opstellen van een ontwikkelingsperspectief is verplicht voor alle leerlingen die extra ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband krijgen.

Ook wordt een OPP voor een leerling opgesteld die voor één of meerdere vakgebieden op hun eigen niveau op de leerlijn werken.

Twee keer per jaar evalueert de school met de ouders het OPP.

IB-er ondersteunt de leerkracht bij het opstellen en evalueren van het OPP.

                 

Kindplannen 

De ideeën van een kind zijn in een kindplan te verwerken. Dit kan voor een specifiek vakgebied, de werkhouding of sociaal gedrag. Ze vertrekken vanuit wat het kind al kan. Het is belangrijk dat het kind zelf vanuit de beginsituatie aangeeft wat het precies wil bereiken. Samen met het kind vul je dit plan in waarbij je meedenkt. Op de L : schijf zijn meerdere voorbeelden van kindplannen te vinden.

 

Doubleren

Wanneer een leerling een verstoorde ontwikkeling doormaakt en daarvan sociaal-emotioneel hinder ondervindt en/of een grote leerachterstand oploopt, kan besloten worden doubleren. Er wordt gekeken naar de meerwaarde van deze beslissing.

Leerlingen die zich sneller ontwikkelen

DHH

Leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong worden gesignaleerd middels het instrument DHH (digitaal handelingsplan hoogbegaafdheid). Het doel is het kaart brengen van leerlingen die een specifieke onderwijsbehoefte hebben op het gebied van (hoog)begaafdheid/ (meer)begaafde leerlingen/ kinderen met ontwikkelingsvoorsprong. Het is tevens een instrument om leerlingen te signaleren die in een verdiepte groep horen en uitgangspunt voor de begeleiding van begaafde leerlingen in de Anders Begaafdengroep Breukelen (bovenschools). Sinds 2015 bestaat de Anders Begaafdengroep. Dit is een met zorg geselecteerde groep leerlingen uit de groepen 5 tot en met 8 van verschillende scholen uit Breukelen die eenmaal per week samen komen. Tijdens deze bijeenkomsten doen de leerlingen projecten.

Via het leerlingvolgsysteem worden ook die leerlingen gesignaleerd die in één of meer leerstofonderdelen uitblinken.
Hier wordt rekening mee gehouden. Zij krijgen de mogelijkheid om zich verder te verdiepen in de leerstof van de methode of krijgen ander leerstofmateriaal aangeboden. Het team is zich steeds meer bewust van het feit dat deze groep kinderen op een juiste wijze opgevangen moeten worden. Om die reden is er een vooruitgroep binnen de school samengesteld.
In deze groep zitten kinderen uit verschillende groepen. Zij worden één keer per week begeleid door een leerkracht buiten de groep. De samenstelling van de groep is flexibel. Dit betekent dat er kinderen bij kunnen komen en kinderen af kunnen gaan. 


Van alle procedures en handelingen met betrekking tot de leerlingen die extra begeleiding nodig hebben, wordt door de interne begeleider verslag gedaan aan de directeur.

 

Verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs

Wanneer de ontwikkeling van een leerling voortdurend stagneert, kan er overwogen worden een leerling te verwijzen naar een speciale basisschool.
Dit gebeurt nadat de groepsleerkracht, de interne begeleider, de remedial teacher van onze school geen mogelijkheden meer zien om de leerling optimaal te begeleiden en de leerling binnen het reguliere onderwijs ongelukkig is. De ouders spelen in deze procedure een belangrijke rol. De eventuele aanmelding voor een kind op een speciale basisschool gebeurt door de ouders.